De arbeidsmarkthervorming is een feit. Premier Monti heeft een extra wapen op zak om op de Europese top van vandaag Merkel & Co te tonen dat zijn beleid niet beperkt blijft tot het op orde zetten van de Italiaanse boekhouding.
De steun aan Monti brokkelt echter verder af. Een deel van de Partito della Libertà (Partij van de Vrijheid), de partij van voormalig premier Silvio Berlusconi, heeft zich onthouden, tegengestemd of was (bewust) afwezig tijdens de stemming. Slechts 122 van de in totaal 209 parlementsleden van de PDL hebben hun ja stem gegeven aan de hervorming. Tekenend was dat ook Berlusconi zelf niet aanwezig was tijdens de stemming.
De kritiek wordt vooral gericht aan het adres van de minister van Werk, Elsa Fornero. Zeker na haar interview in de Wall Street Journal van eerder deze week, waar ze stelde dat er niet zoiets bestaan als recht op werk, maar dat de werknemer zijn plaats op de arbeidsmarkt moet verdienen.
«We’re trying to protect individuals not their jobs. People’s attitudes have to change. Work isn’t a right; it has to be earned, including through sacrifice» (Elsa Fornero, interview met de Wall Street Journal)
Woorden die ze nadien in de Italiaanse pers heeft verduidelijkt, maar het kwaad was geschied. De separatistische Lega Nord en de kleine centrumlinkse partij Italia dei Valori (het Italië van de Waarden) van voormalig procureur Antionio di Pietro hebben ondertussen een motie van wantrouwen ingediend tegen Elsa Fornero. Op 4 juli wordt daar over gestemd in het parlement. Premier Monti heeft zijn vertrouwen in de minister bevestigt, maar het is uitkijken hoeveel parlementsleden van de PDL meestemmen met de motie.